TIG = Tijdschrift voor Integrale Geneeskunde

BESTEL TIG

T: 035 - 698 2250
BoekenService

TIG19(6) Ten Geleide

NavLeft

Abonneer

NavUp

Reageer

NavRight

TIG19-6 TEN GELEIDE

Het thema ‘Energie’, in ons lichaam, en in genezing, wordt in dit nummer vervolgd. Het kwam in het vorige nummer al aan bod. Hierin zijn betrokkenheid en samenhang bepalend voor het resultaat. Dit nummer verheldert dit begrip door verschillen in perspectieven in samenhang te beschouwen danwel te beleven.

Het eerste artikel gaat in op een subtiele maar krachtige relatie tussen ons lichaam en de Aarde.
De atmosfeer rondom de Aarde functioneert als een omloopbaan voor magnetische golven. De snelheid van de elektromagnetische signalen bepaalt hoe lang het duurt voordat zo’n golf de Aarde rond is.
Op grond daarvan is een zogeheten eigenfrequentie bepaald: de Schumann-resonantiefrequentie. De mens heeft zich ontwikkeld in deze omgeving, van de Aarde en deze elektromagnetische golven. Het is dan ook niet verrassend dat het artikel van S. Bosman laat zien dat er een relatie is tussen de Schumann-frequentie van de Aarde en de frequenties die in onze hersenen zijn te meten. De afstemming tussen beide speelt mogelijk een rol bij zelfgenezing.

De vraag of we ons misschien verdere vragen moeten stellen over de objectiviteit en objectiveerbaarheid van wetenschappelijk onderzoek wordt opgepakt door W. van der Steen. Aan de hand van een aantal voorbeelden van wetenschappelijk onderzoek wordt duidelijk dat statistische methoden andere inzichten geven dan casustiek. Casustiek zou volgens de auteur in CAM-geneeswijzen meer kunnen worden beschreven, om daardoor te kunnen komen tot beter inzicht in de gebruikte methoden.

S. Roozen laat in zekere zin de tegenhanger hiervan zien: onze interne processen zijn buiten ons te zien, en zelfs te beleven, in de relaties die we hebben met andere mensen. Het artikel beschrijft de ‘Familie-opstelling volgens Hellinger’. In deze werkwijze worden personen opgesteld rondom n persoon om bijvoorbeeld de gevoelsmatige relatie van familieleden te representeren. Het blijkt dat de groepsdeelnemers daarbij gevoelens kunnen ervaren die typerend kunnen worden geacht voor die familieleden, ook al zijn degenen die de familieleden representeren onbekenden voor degene voor wie de gezinsopstelling wordt gedaan.

Redactielid O. van Nieuwenhuijze geeft een samenvatting van een artikel van B, Keizer. Het betreffende artikel beschrijft dat modellen die de mens vanuit een fysieke, biologische of sociale invalshoek bekijken, niet tegelijkertijd kunnen worden gebruikt. Om een totaal mensbeeld te kunnen ervaren is het nodig verder te denken dan zulke reductionistische modellen.
Dit is de boodschap van W. Linnemans, die zijn beschouwing door het artikel van B. Keizer liet inspireren. Ook al kunnen we de samenhang tussen zulke verschillende modellen niet begrijpen, we kunnen ze wel ervaren en daardoor kunnen we meer inzicht opdoen dan door elk van de modellen apart is te verkrijgen.

C. Schasfoort presenteert het vierde en laatste deel van haar persoonlijke belevingen met de introductie van de kinesiologie in Nederland. In deze aflevering gaat zij in op het concept van integratie, zoals zij dat in haar werk met kinesiologie ervaart. Zij beschrijft ook hoe zij ziet dat dit kan worden ingezet om geneeswijzen te integreren, en daarbij therapeutische behandelingen van uiteenlopende soort met persoonlijke beleving te verbinden.

Het integreren van diverse perspectieven wordt ook beschreven in het boek van J.C. Pearce, met de titel The Biology of Transcendence, a Blueprint of the Human Spirit. Daarin wordt ingegaan op een synthese van drie verklaringsmodellen: hersenontwikkeling, cultuurontwikkeling en persoonlijke beleving worden hierin met elkaar in verband gebracht.

Daarbij komt de biofeedback aan bod, als instrument om de ontwikkelingspatronen van natuur (hersenontwikkeling) en cultuur(-ontwikkeling) met elkaar te kunnen integreren.

Bij de rubrieken gaat ‘AandachTIG’ in op de ontwikkeling van CAM. In november werd in London het 10e CAM-symposium gehouden. Wat aan bod kwam, geeft een beeld van de huidige ontwikkelingen op dit gebied. Het roept ook de vraag op of CAM meer is dan hier was te zien.

‘Granulla in TIG’, en ‘WIG in TIG’ geven weer een beeld van de ontwikkelingen aan de universiteiten bij de medische studenten, respectievelijk in het praktijkveld van behandelaars. De ontwikkelingen in de literatuur en op het internet worden weer gepresenteerd in de ‘Summaries’ en ‘Internet’.

Ter afsluiting van het jaar en van dit nummer bieden we het jaaroverzicht van TIG, een lijst van de auteurs en de artikelen die zij inbrachten voor deze jaargang van TIG.

O. van Nieuwenhuijze, eindredacteur

NavLeft

Abonneer

NavUp

Reageer

NavRight

[Welkom] [Stichting TIG] [Bestel] [Archief] [Jaargangen 1 - 5] [Jaargangen 6 - 10] [Jaargangen 11- 15] [Jaargangen 16 - 20] [Jaarboeken 21 - 25] [Jaarboeken 26 -]