TIG = Tijdschrift voor Integrale Geneeskunde

BESTEL TIG

T: 035 - 698 2250
BoekenService

TIG18 Ten Geleide

NavLeft

Abonneer

NavUp

Reageer

NavRight

TIG 18-2 TEN GELEIDE

Straling wordt over het algemeen geassocieerd met onrust. In de meeste gevallen wordt straling in verband gebracht met radioactiviteit. Dat is in alle gevallen gevaarlijk in te hoge doseringen. Ook associŰren we straling met elektromagnetische velden en zijn bezorgd over de biologische effecten van deze straling. Wie kent niet de discussie over wel of niet een verband tussen hoogspanningslijnen en kanker. Om maar niet te spreken over de invloed van mobiel telefoneren op de gezondheid. Juist dit laatste onderwerp ligt zo gevoelig omdat het mobiel telefoneren in de laatste 10 jaren een enorme omvang heeft aangenomen waarbij een waar antennepark wordt geplaatst, ook op plaatsen waar burgers wonen die op de plaatsing geen invloed kunnen uitoefenen. Deze zelfde burgers blijven verstoken van enige concrete informatie over de mogelijke schadelijkheid die met de plaatsing van antennes of met het actief en passief mobiel bellen gepaard gaat. Het is met name de Gezondheidsraad die vaststelt dat er geen reden voor bezorgdheid is aangezien er geen bewijzen zijn dat antennes en mobiel telefoneren hebben geleid tot gezondheidsproblemen. Helaas gaat het hierbij om blootstelling aan een straling die nog maar kort op deze schaal wordt toegepast. Daardoor is het feitelijk niet eens goed mogelijk om nu al gezondheidseffecten te kunnen overzien. Een waarschuwing zou op zijn minst terecht zijn zo lang geen zekerheid van onschadelijkheid geldt. Schadelijkheid komt immers pas aan het licht als een eventuele invloed van straling op het organisme niet langer door het zelfregulerend vermogen van het organisme wordt gecompenseerd. Daarom is onderzoek noodzakelijk, niet alleen naar een invloed op de gezondheid op lange termijn, maar juist naar de snelle en directe effecten op specifieke fysiologische reacties. Met enige regelmaat wordt melding gemaakt van het in gang zetten van een onderzoek. In ons land heeft de Tweede Kamer verleden jaar gevraagd om eigen onderzoek naar de lange-termijneffecten van antennes op gezondheid. Ook in het buitenland vinden vele onderzoeken plaats. Het onderzoek naar de invloed van straling op specifieke fysiologische reacties is veelal ingepast in fundamenteel onderzoek en de resultaten worden in de voorlichting nauwelijks betrokken. Een overzicht van de stand van zaken is in 2000 en 2001 in het Tijdschrift voor Integrale Geneeskunde verschenen naar aanleiding van een inventarisatie die in 1999 door I. Verhoef werd gemaakt.

Binnen het thema Radiofrequente straling en Gezondheid presenteert J.G. van Gils in dit nummer een nieuw en uitgebreid overzicht van het stralingsonder-zoek. Hij beschrijft de vele onderzoeksresultaten en concludeert dat er een consistente relatie bestaat tussen blootstelling aan elektromagnetische straling en biologische effecten. Naar zijn mening is er genoeg aanleiding om het voorzorgsprincipe, zoals dat in Engeland voor kinderen geldt, voor iedereen toe te passen.

Binnen de themaserie Onderwijs in Integrale Geneeskunst presenteert O. van Nieuwenhuijze een artikel waarin de ontwikkeling van een werkplan voor een opleiding tot complementair therapeut wordt beschreven. Dit werkplan beschrijft een programma dat in ontwikkeling is aan de Saxion Hogeschool. De kerngedachte van dit plan ligt in het ontwikkelen van een ge´ntegreerd en onderbouwd programma waarbij studenten voldoende begrip kunnen opdoen van complementaire geneeswijzen, om zodoende een goed beleid voor doorverwijzen te kunnen voeren. Het programma is in eerste instantie beperkt tot vier behandelwijzen met een lange traditie: Oosterse geneeswijzen, Homeopathie, Manuele therapie en Natuurgeneeswijzen.

Binnen het thema psychosomatiek geeft W.A.M. Linnemans een interessante beschrijving van een klacht die rijk is aan psychopathologische aspecten en zeer geschikt lijkt voor behandeling door een psychotherapeut. Het blijkt evenwel dat juist de vage lichamelijke klachten een belangrijke bron van informatie zijn voor een behandeling die leidt tot een verbetering van de gezondheidstoestand. In algemene zin wordt het probleem ter discussie gesteld van de kennis van de psychotherapeut voor het analyseren en interpreteren van somatische achtergronden.

E. Vis-Renia vervolgt in de reeks artikelen op het gebied van fytotherapie haar artikel over Echinacea. Na haar bespreking in het vorige nummer van het traditioneel gebruik van de plant en van de belangrijkste werkzame bestanddelen volgt nu het tweede deel.  Daarin bespreekt zij het werkingsmechanisme, de farmacologische eigenschappen en het wetenschappelijk onderzoek naar therapeutische effecten. Aan het einde van het artikel wordt een praktische opsomming van indicaties en contra-indicaties gegeven alsmede een korte beschrijving van interacties en bijwerkingen die mogelijk zijn.

De boekbespreking betreft deze keer het machtige boek Alternative Medicine (The Definitive Guide) van The Burton Goldberg Group. In 1994 werd een handboek uitgegeven over alternatieve geneeswijzen waaraan was meegewerkt door 400 therapeuten van verschillende geneeswijzen. Dit boek is inmiddels in de 7e druk, en bedoeld als een gids op het terrein van de alternatieve geneeswijzen.

Tenslotte attenderen de vaste informatierubrieken Aandachtig, Internet, en Summaries op de nationale en internationale activiteiten die op het gebied van de Integrale Geneeskunde plaats vinden.

R. van Wijk, hoofdredacteur
 

NavLeft

Abonneer

NavUp

Reageer

NavRight

[Welkom] [Stichting TIG] [Bestel] [Archief] [Jaargangen 1 - 5] [Jaargangen 6 - 10] [Jaargangen 11- 15] [Jaargangen 16 - 20] [Jaarboeken 21 - 25] [Jaarboeken 26 -]