TIG = Tijdschrift voor Integrale Geneeskunde

BESTEL TIG

T: 035 - 698 2250
BoekenService

TIG13(3) Ten Geleide

NavLeft

Abonneer

NavUp

Reageer

NavRight

Ten Geleide

Wij openen ook dit nummer weer met een klinische les. Deze keer is het onderwerp secundaire gastritis aan de orde, hetwelk wordt toegelicht aan de hand van een voorbeeld uit de praktijk door mw Nina Weiss, arts voor natuurgeneeswijze.

Met ons eerste artikel sluiten we goed aan op de klinische les. Dit artikel betreft een fundamentele beschouwing van de functie van de darm voor de menselijke gezondheid en van de maatregelen die de arts, alsmede de patiŽnt zelf, kunnen nemen om een gezond darmfunctioneren zoveel mogelijk in stand te houden en te bevorderen. Dat de darm, met de oppervlakte van een hedendaagse bouwkavel (300 vierkante meter) het grootste contactorgaan is van de mens met zijn buitenwereld, zal niet iedereen zich dagelijks realiseren. Van Montfoort bespreekt de gangbare en minder gangbare diagnostiekvormen en doet suggesties voor een therapeutische aanpak die niet alleen gericht zijn op de darm als zodanig, maar die in feite de grondslag vormen voor het totale gezonde functioneren van het menselijk organisme.

Vervolgens een korte samenvatting van het onderzoek van mevrouw dr (sinds kort dus!) Eveline Lugard, waarop wij later in dit jaar nog uitvoeriger hopen terug te komen. Zij promoveerde op een onderzoek naar de betekenis van bepaalde voedingsmaatregelen bij het bestrijden van spanningshoofdpijn en migraine. Zij laat zien hoe ook de consultatief werkende arts binnen het eigen patiŽntenbestand voldoende mogelijkheden heeft om daarop wetenschappelijk onderzoek te verrichten. In haar geval werd gewerkt met een enkel blinde opzet. Toch illustreert dit onderzoek eveneens dat het lang niet altijd gemakkelijk is, en soms ronduit onmogelijk, om de methodologi≠sche eisen van de reguliere medische wetenschap zonder meer toe te passen op de alternatieve of complementair geneeskundige praktijk. De reden daarvoor is er met name in gelegen dat de ziekteopvatting van de reguliere arts, en dus van zijn methodologie, duidelijk gebaseerd is op de enkelvoudige afwijking aan organen. Voor complexere beelden is daarin doorgaans geen plaats.

De derde bijdrage is van ons redactielid Bianca Brundel naar aanleiding van de vorig jaar verschenen vierde herdruk van het boek van prof. Ivan Wolffers over Hart en bloeddruk. Door Brundel wordt enerzijds beschreven wat in dit boek over de aanpak van hoge bloeddruk wordt gezegd, anderzijds voorziet zij een en ander van een aantal kritische kanttekeningen die erop neerkomen dat zij zich afvraagt of de effectiviteit van een medicamenteu≠ze therapie altijd wel zo groot is, en of in veel gevallen niet veel eerder gegrepen zou dienen te worden naar voedings- en overige leefwijze maatregelen. Een opvatting die in kringen van de integraal geneeskundige praktijk weinig verbazing zal wekken, maar die men helaas nog te weinig tegenkomt in de dagelijkse praktijk van de reguliere huisarts en specialist.

Een vierde bijdrage is van de hand van Dr Elly Engelkes, gespecialiseerd in ‘Health Care Development’. Zij doet een poging enkele verbindende lijnen te trekken tussen de alternatieve geneeskunde en vooral de reguliere geneeskunde, maar betrekt daarbij ook de niet-westerse geneeskundige stelsels, waarmee zij in haar eigen beroepsverleden veel ervaring opdeed. Zij komt op die gronden tot een aantal interessante uitspraken, vooral omdat de teneur van haar verhaal is: waar maken we ons eigenlijk zo druk om tegenwoordig, immers ‘all over the world’ en ook in onze (recente) geschiedenis zijn tal van voorlopers te vinden, of anders wel mengvormen, van regulier, uitheems en ‘alternatief’. Zij lijkt te pleiten voor een gezondheidszorg waarin -effectief gebleken- uiteenlopende medische stelsels naast elkaar bestaansrecht hebben, en waarin samenwerking onderlinge beroepsnaijver vervangt. Laten we hopen dat het ooit zover komt.

Een vijfde bijdrage betreft een korte impressie van een van de redactieleden van een seminar georganiseerd door de Stichting Toetsing Fytotherapeutica, die het formele omhulsel is van de commissie met verder dezelfde naam. Deze commissie is enkele jaren geleden ingesteld om een private regeling tot stand te brengen inzake de toetsing/registratie van het plantaardige geneesmiddel. Dit omdat anders een wettelijk verbod, met name op grond van Europese richtlijnen, was te verwachten. Tijdens het seminar werd de voorgenomen proeftoetsing, waarvoor het ministerie van VWS een subsidie verleende, uitgebreid toegelicht door enkele leden van de CTF (Commissie Toetsing Fytotherapeutica), en werden daarop commentaren gegeven vanuit de overheid en het bedrijfsleven. De te verwachten ontwikkeling zal waarschijnlijk deze zijn dat de CTF in nauw overleg met het bedrijfsleven een reeks fytotherapeutica zal toetsen en dat aldus gaandeweg een systeem van toetsing kan worden ontwikkeld dat over enige jaren een wettelijke status zal kunnen krijgen. Waarbij dan ook het College voor de Beoordeling van Geneesmiddelen in de picture komt. Wanneer dit zou lukken, zijn de fytotherapeutica, na de homeopatica, de tweede categorie ‘alternatieve’ preparaten waarvoor een meer aanvaardbaar officieel kader wordt verkregen.

Tenslotte nog een korte bijdrage van de hand van dr. G. van Ark van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk onderzoek (NWO). Hij wijst erop dat onderzoekers in het veld, dankzij een genereus gebaar van de Nederlandse overheid, steun kunnen krijgen in de periode tot en met 1999 bij het opzetten van onderzoek naar de effectiviteit van alternatieve behandelwijzen. Deze ondersteuning is niet bedoeld voor het financieren van onderzoeksvoorstellen. Het gaat om ondersteuning bij het formuleren van onderzoeksvoorstellen en het gaat alleen om effectiviteitsonderzoek volgens de ‘black box’ methode zoals aanbevolen door de Gezondheidsraad.

Cor W. Aakster, redactievoorzitter

 

NavLeft

Abonneer

NavUp

Reageer

NavRight

[Welkom] [Stichting TIG] [Bestel] [Archief] [Jaargangen 1 - 5] [Jaargangen 6 - 10] [Jaargangen 11- 15] [Jaargangen 16 - 20] [Jaarboeken 21 - 25] [Jaarboeken 26 -]